Terug naar het overzicht

Elektrische truck wint terrein, maar stroomnet blijft uitdaging

Gepubliceerd op 19-10-2026 09:21 uur

Elektrificatie van het wegtransport komt in een stroomversnelling. Fiscale prikkels, stijgende dieselkosten en technologische vooruitgang maken elektrische trucks steeds aantrekkelijker. Tegelijkertijd vormt de beperkte capaciteit van het elektriciteitsnet voor veel transportbedrijven een belangrijke uitdaging. Volgens ABN AMRO is 2026 een kantelpunt: elektrificatie wordt niet alleen een duurzaamheidsvraagstuk, maar steeds nadrukkelijker een strategische keuze.

 

De elektrificatie van het Nederlandse wegtransport ontwikkelt zich in hoog tempo. In de eerste helft van 2026 was 16,3 procent van de nieuw verkochte trucks in Nederland volledig elektrisch, tegenover 4,8 procent in de Europese Unie als geheel. Ook bij elektrische bestelwagens loopt Nederland voorop, met een aandeel van 83,7 procent van de nieuwverkopen tegenover 13,2 procent in de EU. Van de Nederlandse vrachtwagenvloot is inmiddels ruim 3 procent volledig elektrisch. In de EU als geheel bedraagt dat aandeel 0,5 procent. Volgens Martijn Mensonides, sectoreconoom Transport & Logistiek bij ABN AMRO, is sprake van een duidelijke versnelling.

 

Kostenplaatje verandert

De groeiende belangstelling voor elektrische trucks wordt niet alleen ingegeven door duurzaamheidsdoelstellingen. Ook de bedrijfseconomische voordelen wegen steeds zwaarder. Hoewel een elektrische truck bij aanschaf nog ongeveer drie keer zo duur kan zijn als een vergelijkbare dieseltruck, verandert de totale kostprijs over de gebruiksduur, de zogenoemde Total Cost of Ownership (TCO). De vrachtwagenheffing, hoge en wisselende dieselprijzen, aanschafsubsidies en de invoering van zero-emissiezones dragen bij aan de aantrekkelijkheid van elektrisch vervoer. Ook de aangekondigde Europese CO₂-beprijzing van brandstoffen via ETS2 speelt daarbij een rol. Tegelijkertijd dalen de kosten van batterijtechnologie door grootschalige serieproductie.
Voor transportbedrijven die voornamelijk binnen Nederland rijden, kan elektrisch rijden daardoor inmiddels financieel voordeliger uitpakken. Veel ritten blijven binnen een actieradius van circa 500 kilometer. Juist bij dergelijke inzetprofielen kan de rekensom gunstig uitvallen.
‘Het gaat om centenwerk’, aldus Mensonides. ‘En in de transportsector zijn die centen, vanwege de dunne marges, vaak het verschil tussen winst en verlies.’
Een overstap vraagt wel om een zorgvuldige voorbereiding. Ondernemers moeten onder meer rekening houden met de aanschaf- en financieringskosten, elektriciteitstarieven, actieradius, laadmogelijkheden en eventuele aanpassingen in de logistieke planning. Ook de beschikbare netcapaciteit moet tijdig worden onderzocht.

 

Netcongestie vraagt om slimme oplossingen

Waar de uitdaging aanvankelijk vooral bij de voertuigen lag, verschuift de aandacht steeds meer naar de laadinfrastructuur. Netcongestie maakt het voor transportbedrijven niet altijd mogelijk om de gewenste aansluiting op het elektriciteitsnet te krijgen of het beschikbare vermogen uit te breiden.
Volgens Mensonides hoeft dat niet automatisch een blokkade te zijn. Door zonnepanelen, batterijopslag en laadpalen slim op elkaar af te stemmen, kan de beschikbare capaciteit efficiënter worden benut. Batterijen kunnen bijvoorbeeld worden ingezet om pieken in de stroomafname af te vlakken. Dit wordt ook wel peakshaving genoemd.
Daarnaast kunnen alternatieve contractvormen uitkomst bieden. Bij een tijdsblokgebonden contract kan een bedrijf gedurende bepaalde uren extra netcapaciteit benutten. Zo kan er bijvoorbeeld tussen middernacht en 06.00 uur meer vermogen beschikbaar zijn om trucks op het eigen terrein op te laden.
Voor transportbedrijven die hun voertuigen vroeg in de ochtend inzetten, kan dat een praktische oplossing zijn. Mensonides adviseert ondernemers daarom tijdig met hun netbeheerder in gesprek te gaan over de beschikbare mogelijkheden.

 

Transporteur wordt energie-expert

De overstap naar elektrisch transport vraagt meer dan alleen de aanschaf van andere trucks. Transportbedrijven moeten ook hun energievoorziening en dagelijkse planning anders organiseren. Waar voorheen vooral de dieselvoorraad en brandstofprijs bepalend waren, spelen nu ook elektriciteitstarieven, laadmomenten, batterijcapaciteit en energieopwekking een belangrijke rol. Een Energie Management Systeem kan helpen om zonnepanelen, batterijen en laadpalen op elkaar af te stemmen. Ook investeringen in een eigen laadplein of zonnepark kunnen bijdragen aan meer grip op de energiekosten en de beschikbaarheid van energie.
Volgens Mensonides wordt elektrificatie daarmee steeds nadrukkelijker een strategisch vraagstuk. Bedrijven die tijdig investeren in kennis, laadinfrastructuur en energiemanagement, kunnen hun concurrentiepositie versterken. Ondernemingen die de omslag niet kunnen of willen maken, lopen het risico op achterstand. Ook een verdere consolidatie van de transportsector behoort volgens hem tot de mogelijke gevolgen.

 

Weduwe J. de Bruijn en Zonen kiest voor elektrisch

Dat elektrificatie in de praktijk al voordelen kan opleveren, blijkt bij transportbedrijf Weduwe J. de Bruijn en Zonen. Mede-eigenaar Quinten van Dobben leidt samen met zijn bedrijf een vloot van 55 trucks en 75 medewerkers. De onderneming verzorgt gespecialiseerd transport en distributie in de Benelux. Het bedrijf beschikt inmiddels over vier zware elektrische trucks, waaronder een Mercedes-Benz eActros 600. Voor de distributietak kiest de onderneming bewust niet langer voor nieuwe dieseltrucks.
‘Wij wachten niet af tot de markt of de overheid ons daartoe dwingt, maar pakken zelf de regie’, vertelt Van Dobben. ‘Onze vier zware elektrische trucks laten elke dag zien dat gespecialiseerde distributie uitstekend emissievrij kan. Belangrijker nog: met die auto’s pakken we de grip op onze energiekosten terug.’
Volgens Van Dobben biedt elektriciteit meer mogelijkheden om de energiekosten te beheersen dan diesel. Transportbedrijven kunnen hun inkoopmomenten afstemmen op gunstige tarieven en onderzoeken of rechtstreekse afname van duurzame elektriciteit mogelijk is.
De onderneming beschikt over een verzwaarde stroomaansluiting van 2,5 megawatt. Daarmee kan op het eigen terrein tot 50.000 kWh per dag worden geladen, volgens het bedrijf voldoende voor een vloot van maximaal honderd elektrische trucks. De beschikbare capaciteit maakt het mogelijk om de elektrificatie verder uit te breiden en de afhankelijkheid van openbare laadvoorzieningen te beperken.

 

Opschalen richting 2030

Van Dobben adviseert andere transportondernemers om niet te lang te wachten met de eerste elektrische trucks.
‘Begin gewoon. Je kunt duizend redenen bedenken waarom het niet kan, maar er zijn er net zoveel om het wél te doen. Koop één of twee e-trucks voor je vaste, regionale werk.’
Omdat het bedrijf jaarlijks ongeveer vijf tot zes trucks vervangt, wil het rond 2030 beschikken over 25 tot 30 elektrische trucks. Volgens Van Dobben is de TCO voor voertuigen die 's nachts op het eigen terrein laden en dagelijks meer dan 300 kilometer rijden, nu al positief.
Naast de operationele voordelen speelt ook de beschikbaarheid van netcapaciteit een rol in de investeringsbeslissing. Wie tijdig een geschikte aansluiting en laadvoorzieningen realiseert, bouwt ervaring op en creëert ruimte voor verdere groei.
De financiering vormt daarbij een belangrijk aandachtspunt. Een elektrische truck vraagt een aanzienlijk hogere investering dan een dieselvoertuig. Bij een bestelling van vijf elektrische trucks kan het investeringsbedrag volgens Van Dobben oplopen tot ruim 1,7 miljoen euro. Daar staan lagere operationele kosten voor energie, onderhoud en vrachtwagenheffing tegenover.

 

Elektrificatie als concurrentievoorwaarde

De ontwikkeling van elektrisch wegtransport vraagt om een integrale benadering. Niet alleen de voertuigkeuze, maar ook de energievoorziening, logistieke planning en financiering bepalen of de overstap bedrijfseconomisch aantrekkelijk is. Nederland loopt voorop in de aanschaf van elektrische trucks, maar verdere groei vraagt om voldoende netcapaciteit en slimme oplossingen voor het laden. Tegelijkertijd laat de praktijk zien dat transportbedrijven nu al stappen kunnen zetten.
De conclusie van ABN AMRO is duidelijk: elektrificatie wordt steeds belangrijker om concurrerend te blijven. Transportondernemers die tijdig investeren in voertuigen, infrastructuur en energiemanagement, kunnen niet alleen hun uitstoot terugdringen, maar ook meer grip krijgen op hun operationele kosten.